And I’ll take my clothes off and it will be shameless
Ze zijn met miljarden. Overal kom je ze tegen. Op straat, zittend in de bus, of bij de warme bakker. Ver van huis, op de bank in je eigen woonkamer en op televisie. Er is niet aan te ontkomen, onttrekken is zinloos. Het is niet alleen zinloos, het is simpelweg onmogelijk. Ze zijn wit, ze zijn donker, of iets daar tussen in. Groot en klein, dik en dun. Naar sommigen kijk je drie keer om, terwijl anderen na verloop van tijd niet eens meer opvallen. Mooi en minder mooi, maar altijd in de perceptie van een stille getuige. Ze kunnen vervelend zijn. Ze kunnen echt héél vervelend zijn. Maar vooral aantrekkelijk. Vooral lief en indrukwekkend, indrukwekkend lief en mooi. Ze zijn met miljarden en laten zich door een objectief oordeel niet vangen. Ze zijn alles tegelijk en daarom niet te doorgronden. Ze zijn vrouw.
Maak maar eens een keuze. Maak maar eens een keuze tussen de vrouwen die jou als stille getuige doen smelten. En die er vervolgens ook nog eens wederzijdse gevoelens op nahouden. Het is een proces van twee actoren, klinischer kan ik het niet omschrijven. Maar liefde is zo veel meer. Is liefde niet de zuiverste vorm van emotie? Het is genot en pijn, extase en neerslachtigheid. Je leeft. Liefde doet leven. Velen leven in hun leven maar half, een ware liefde is de bekroning op een geslaagd bestaan. Ik heb het geluk zo gelukkig te zijn de ware gevonden te hebben. Ik kende haar al langer. Ze zong wel eens voor me. Ze danste wel eens voor me. Ze was vaak bij me thuis geweest. Aan mijn bureau, op de bank en in mijn bed. Maar ook op straat, zittend in de bus en bij de warme bakker. Eigenlijk was ze er altijd. Een leven zonder haar kon ik me maar moeilijk voorstellen.
Twee weken geleden gebeurde het. Als een donderslag in mijn hoofd kwamen emoties samen en vormden ze als een perfecte symfonie het gevoel dat mij nu al dagenlang warmhoudt: liefde. Ik ben verliefd! Ze is het type vrouw dat ik aan mijn familie voor zou kunnen stellen. Het type vrouw dat je zonder enig probleem in de meest uiteenlopende gezelschappen kan presenteren. Een vrouw met klasse. Een vrouw met een engelenzacht plat Engels accent. Hele korte rokjes en onaangepast taalgebruik. Hele grote gouden oorbellen waarvan de onderkant bijna op haar schouders rusten kan. Ze scheldt en tiert, ze vernield en schopt tegen de maatschappij. Ze is heerlijk ordinair en laat zich in een nachtclub zonder ondergoed fotograferen. Ze gebruikt geen parfum, maar ruikt naar doodgeslagen bier en sigaretten. Ze geeft over op straat en zoekt een hoek om in te plassen.
En ze kan zingen. Ze kan zo heerlijk zingen. Over hoerenkleding zonder beha en het voordringen in een lange rij. Over mensen uit de stad die lunchen in het park en over het bed van haar vriendje waar ze in zijn ondergoed een heel weekend in wil blijven liggen. Haar vriendje. Je zou het als een probleem kunnen zien, een niet te nemen horde op het pad van mijn liefde. Maar deze liefde is ultiem zolang het onbereikbaar blijft. Onbereikbare liefde moet vooral heel ver weg blijven. Tastbaarheid en fantasie gaan niet samen. Met tastbaarheid geen genot en pijn. Geen extase en neerslachtigheid. Daarom vond ik het zo jammer dat ik Lily Allen deze week in Amsterdam door mijn eigen grachten zag varen. Ze was in mijn domein en zou waarschijnlijk nog wel even blijven. Ze was dichtbij en liet in een onbewaakt moment zelfs haar derde tepel zien. Laat haar weggaan, blijf vooral op afstand. Ze is er namelijk een uit miljarden.