Online kinderterreur, wie is verantwoordelijk?
Het prachtige aan het internet is dat alles te vinden is. Tegelijkertijd is dat het grote gevaar van het internet, vooral voor kinderen die alles willen weten. Deze kinderen staan bloot aan allerlei dingen waar je ze als ouder nog even niet mee wil confronteren: pornografie, geweld, gokken, allen zijn ze met een paar muisklikken te vinden. Ook voor een achtjarige. Dat blijkt de laatste tijd des te meer. MSN-ruzies lopen steeds vaker uit op vechtpartijen, zoals recent in Apeldoorn. Ondertussen besteden kinderen veel meer tijd achter internet dan voor de tv en is nog steeds onduidelijk bij wie de verantwoordelijkheid ligt voor een veilig internet voor kinderen. Duidelijk is wel dat die verantwoordelijkheid door vrijwel geen enkele instantie genomen wordt. Het gevolg is dat de overheidssubsidie die in een veiliger internet gestopt wordt niet meer is dan dweilen met de kraan open. Spotlight Effect had contact met Justine Pardoen, één van de twee initiatiefnemers van Mijn Kind Online, een stichting die ouders ondersteunt in het begeleiden van het internetgebruik van hun kinderen.
Mijn Kind Online
De website van Mijn Kind Online is een samenwerking tussen Pardoen en Remco Pijpers. “We hadden samen namens Ouders Online en Planet Internet de website Mijn Kind Online gemaakt. Die samenwerking leidde ertoe dat we elkaar heel veel mailden met berichten uit de actualiteit over internetopvoeding, een term die wij hebben gegeven aan
alles rond kinderen en internet. Ik hield wetenschappelijk onderzoek bij, Remco had contact met jongeren zelf, we verzamelden nieuws, toetsten onze ideeën aan elkaar en ontwikkelden in gesprekken de visie die het fundament vormde voor onze voorlichting en adviezen aan ouders en leerkrachten. Dit ging allemaal via e-mail. Op een gegeven moment vonden we het eigenlijk jammer dat anderen niet konden profiteren van deze kennisuitwisseling zelf, maar alleen wanneer we weer van alles verwerkt hadden op de website of in een boek. Daarom besloten we om een proef te doen met het bijhouden van een weblog, dat was in maart 2006. Omdat het om een proef ging, kozen we voor de ready-to-go omgeving van web-log.nl. Inmiddels zitten we daar alweer een tijdje en het bevalt eigenlijk heel goed. Ook de respons is goed, wat heel stimulerend is voor de continuïteit. Afgezien daarvan is het voor ons heel leuk om te zien dat en hoe onze interesse en kennis zich in die periode ontwikkeld heeft. Het weblog is een prachtig archief geworden. Bovendien hebben we een vaste kern lezers en een groot bereik onder opvoedprofessionals en anderen met interesse in jeugd en media, waaronder marketeers en journalisten.”
Professionaliseringsslag
Hoewel Mijn Kind Online zich ontpopt tot een zekere bookmark onder opvoedprofessionals zijn Pardoen en Pijpers nog lang niet uitgedacht en –geschreven. “Binnenkort maken we een professionaliseringslag. We zullen onze weblog dan verhuizen naar een ander domein, in een mooi vormgegeven omgeving die aansluit bij de nieuwe website van – inmiddels de stichting – Mijn Kind Online. We zijn we gegroeid van website naar volwaardig kenniscentrum: we adviseren, initiëren onderzoek, signaleren trends en geven voorlichting over jeugd en hun mediagedrag. Voor onze bijeenkomsten op scholen werken we met een team van acht mensen, dit zijn allemaal professionals die ‘iets’ hebben met kinderen en internet en die met hun eigen achtergrond maar met onze visie ouderavonden verzorgen. Ook die groep discussieert en wisselt van alles uit via een e-mailgroep, maar voorlopig gaan we dat nog niet doen in het openbaar.”
Niet alles op ouders afschuiven
Mijn Kind Online heeft dit jaar een klacht ingediend bij de Reclame Code Commissie over bedrijven die over de rug van kinderen veel geld verdienen. “We hebben hiermee bereikt dat bij verschillende bedrijven wordt nagedacht over aanpassingen. Deze zullen nu de Consumentenautoriteit zich er ook mee is gaan bemoeien, ook wel doorgevoerd worden, al of niet verplicht. Ons gaat het niet om de verplichting, maar om de bewustwording van bedrijven die geld verdienen aan kinderen. Zij moeten zich nóg meer gaan realiseren dat ze een eigen verantwoordelijkheid hebben en niet alles kunnen afschuiven op de ouders.”
Verliefd op internet
In het boek ‘Verliefd op internet – over de seksuele ervaringen van tieners op het internet’, dat onlangs in tweede druk verscheen, stellen Pardoen en Pijpers dat media-opvoeding eigenlijk direct de seksuele opvoeding van een kind is. “Dit boek bevat nog steeds zeer actuele informatie, een
heldere visie op de internetopvoeding van tieners, maar ook de heldere constatering op basis van gedegen onderzoek dat tieners die online zeer actief zijn, te veel en te vroeg en op door hen ook ongewenste manier in contact komen met seks. De risicogroep is de groep tussen 12 en 15 jaar, vooral meiden. Maar ook jongens maken ongewenste dingen mee, al zijn ze gemiddeld dan iets ouder. Maar het ligt niet enkel aan het internet, seks is overal in de media-uitingen die kinderen te zien krijgen. Ook hier zijn we niet voor het opleggen van verboden en verplichtingen, maar voor het vergroten van de bewustwording van ouders én mediamakers.”
Virtuele werelden
Wat de weblog betreft is Pardoen ook heel goed te spreken over de verslagen van collega Pijpers over het gedrag van kinderen in virtuele werelden. “Hij bevindt zich regelmatig in zulke omgevingen, nooit undercover overigens, waar hij zich naïever voordoet dan hij is. Kinderen leiden hem dan graag rond en vertellen hem over hun leven online. De verslagen die voortkomen uit deze participerende observatie zijn belangrijk voor iedereen die iets wil weten over de generatie kinderen die nu opgroeit.”