Aan de slag met het sociale web
by Jerry Houtman
Voor de meesten onder ons heeft internet primair een sociale functie: het onderhouden van je contacten. De online kroeg. Zonder het zelf te beseffen zullen er een hoop mensen zijn die aan social networking doen. Heb je een profiel bij een online netwerk? Deel je foto’s of berichten via internet? Dan ben je misschien al sociaal aan het netwerken zonder dat je het weet. In Nederland kennen we allemaal wel Hyves, maar tenzij je beperkt wilt blijven tot het Nederlands sprekende deel van de wereld kun je beter verder kijken dan je neus lang is.
En dan kom je al gauw uit bij Facebook, wereldwijd de grootste speler op de markt. En dat is niet voor niks. Dè succesfactor: je komt en, belangrijker, blijft in contact met mensen die je uit het dagelijks leven kent. Sterker nog, vaak leer je ze zelfs beter kennen. Stel dat je iemand in de kroeg ontmoet. Waarschijnlijk blijft het niveau van het gesprek beperkt tot de dikte van de schuimkraag, het weer of de zin van het leven. Een paar dagen later voeg je elkaar toe op Facebook, en er gaat een wereld voor je open. Je weet direct waar hij of zij van houdt, je kunt de laatste vakantiefoto’s bekijken en in een oogopslag zien wat de contacten van jouw nieuwste vriendje allemaal over hem of haar te melden hebben.
Nu hoor ik je denken: ‘Leuk en aardig, maar dat kan toch ook met Hyves?” Klopt, onze nationale trots biedt veelal dezelfde mogelijkheden en doet het met bijna 10 miljoen gebruikers ook niet onaardig. Maar wat maakt Facebook dan beter dan Hyves, MySpace en al die anderen?
1. Overzichtelijk
Facebook heeft onlangs een nieuw design doorgevoerd, waardoor de site nu frisser en overzichtelijker oogt dan voorheen. Nog steeds kun je niets aanpassen aan de layout, maar dat is alleen maar een voordeel; hoe vaak gebeurt het niet dat een Hyvesprofiel compleet onleesbaar is door drukke achtergronden? Niet op Facebook, waar de focus ligt op de content en hoe deze gerangschikt is. Verschillende onderdelen van profielen zijn makkelijker te bereiken. Je hoeft nu niet meer naar de homepages van je vrienden om te zien wat hen bezig houdt, je ziet nu alle updates real time bij elkaar in een overzichtelijke stream. Door middel van filters kun je er ook voor kiezen om bijvoorbeeld alleen de updates van je Amsterdamse contacten te zien, of je kamergenoten uit dat hostel in Sydney. Links kun je filteren, dstream staat centraal en rechts zie je de hoogtepunten uitgelicht. Dit maakt reageren op updates van je vrienden een stuk laagdrempeliger, waar ze ook vandaan komen.

2. Internationaal
Dat brengt me bij het tweede grote pluspunt: zoals gezegd is Facebook wereldwijd het grootste social network. De kans is groot dat mensen in Indië direct weten waar je het over hebt als je ‘the F-word‘ laat vallen. Als ze jou tenminste niet al gevraagd hebben ‘of je ook Facebook hebt’. Dat maakt het onderhouden van het contact met alle vrienden die je op je buitenlandse tochten hebt gemaakt een stuk laagdrempeliger.
3. Meer dan alleen Facebook
Facebook is met een groot aantal sites en services compatibel. De integratie van al die diensten maakt jouw online beleving weer een stukje eenvoudiger. En leuker; je kunt namelijk alles met je vrienden delen. Dit leidt ertoe dat jouw homepage de hele dag door ververst (mits je voldoende vrienden hebt die enigszins actief zijn op Facebook, natuurlijk), wat weer leidt tot meer interactie van en met je contacten. Dit maakt het vinden van vroegere vrienden ook een stuk simpeler: wanneer ik zie dat jij gereageerd hebt op een foto van een gemeenschappelijk vriend ben ik sneller geneigd je toe te voegen dan wanneer ik je moet zoeken. En dan maar hopen dat ik je vind. En als ik je gevonden verschijn je op mijn homepage, die er zo uitziet:

De dynamiek maakt Facebook tot een waar sociaal platform. Facebook begrijpt wat gebruikers willen en dat heeft hen tot de nummer één gemaakt. Ben je Hyves gewend, of word je voornamelijk gedreven door chauvinisme? In het begin zal Facebook misschien wat onwennig aan doen, maar als je maling hebt aan een epilepsie veroorzakende achtergrond wil je na een tijdje niet meer terug.
Wie is er niet ooit op Hyves of Facebook toegevoegd door een wildvreemde? Inderdaad, je hoeft er niet op in te gaan, maar de mogelijkheid bestaat. Online vrienden maken is allang niet zo gek meer, en nu kun je ook nog met ze Twitteren.
Twitter, je hebt er vast wel eens van gehoord. Het is geen e-mail en geen telefoon. Het lijkt op sms of chatten, maar dat is het niet. In een bericht van maximaal 140 tekens vertel je vrienden, collega’s en bekenden via Twitter wat je aan het doen bent. Hier kunnen anderen weer op reageren, en zo kan in potentie kan de hele wereldbevolking meegenieten van jouw berichten en je volgen op Twitter. Of je nu foto’s deelt, een link naar een leuk filmpje geeft of laat weten dat je wèèr met het verkeerde been uit bed bent gestapt: zolang het maar in 140 tekens past. Zelfs het laatste nieuws kan in 140 tekens.
En dat is gelijk het stokpaardje van de sceptici: het kan niemand iets schelen wat je vanochtend op brood had. Daar valt over te twisten: lezen dat een vriend van je kampt met een storing bij de NS is interessanter dan het klinkt. Zo is het volgen van een stroom korte, kernachtige updates van wat je vrienden doen opvallend bevredigend. Het is ook helemaal niet raar om in een telefoongesprek te vragen hoe het met iemand gaat, hoe zijn dag was. Twitter geeft je diezelfde informatie, en je hoeft er niet eens om te vragen! Daar komt nog bij dat het misschien niet heel boeiend is dat iemand naar het toilet gaat, maar je leert die persoon aan de hand van die korte, beperkte updates wel degelijk beter kennen. Misschien niet op de manier waarop je zou willen, maar dat is weer een andere discussie.
Open discussies
In essentie kun je dus met Twitter laten zien wat jou bezighoudt en mensen kunnen daar op reageren. Zo ontstaan er al gauw gesprekken, die weer voor iedereen zichtbaar zijn. Reacties komen real-time binnen en zo kunnen er levendige discussies ontstaan. Dit principe wordt al veelvuldig toegepast op conferenties en lezingen, waarbij ieder bericht dat een vooraf bepaalde code bevat, beginnend met een #, op een groot scherm verschijnt. Zo kan de hele zaal meepraten en direct ingaan op hetgeen de spreker in kwestie aan het vertellen is.
De microblogservice is eenvoudig te koppelen aan je sociale netwerken, en zo kun je automatisch via Twitter je status op meerdere sites updaten. Er worden steeds meer bestaande diensten aan Twitter gekoppeld, waardoor je een foto met een druk op de knop niet alleen op Twitter deelt, maar gelijk uploadt naar je sociale netwerk, weblog of fotosite. Dit lijkt veel op het al genoemde nieuwe model van Facebook: alle updates, foto’s en video’s in een overzichtelijke stream, inclusief de reacties van je vrienden en vrienden van vrienden.
Toch moeten veel fanatieke Facebook-gebruikers niets van Twitter weten. De reden? Het ontbreken van groepsdruk, als je het mij vraagt. Ook in Nederland groeit Twitter als kool, dus het lijkt een kwestie van tijd. Een ander veelgehoord punt van kritiek: de vele volgers die de gemiddelde gebruiker krijgt te verwerken zouden verstikkend werken en funest zijn voor het overzicht. Dat klopt, als je iedereen die jou volgt ook toevoegt wel. Maar er is altijd een keuze: je hoeft die persoon tenslotte niet terug te volgen en kunt zelf kiezen wie je interessant genoeg vindt om te volgen. Je kunt zelf kiezen hoe je Twitter inzet, wat je erin stopt en wat je eruit wilt halen. Als jij mensen wilt volgen die twitteren over genetisch gemanipuleerde sla is dat prima. En als je wilt weten waar een goede pizzeria zit of wie goedkoop flitsende websites bouwt vraag je dat gewoon op Twitter. Reken maar dat je antwoord krijgt.
Je hebt me overtuigd! Waar kan ik me aanmelden?
Eigenlijk moet je Twitter gewoon proberen om te ervaren hoe het is en wat het voor jou kan betekenen of toevoegen. Aanmelden is simpel: ga naar twitter.com, maak een account aan en zoek je vrienden op. Vervolgens kun je twitteren via het web, met je telefoon, door te mailen, sms’en of zelfs middels een chatdienst. En laat in de reacties vooral even weten of het bevalt.
Fotocredit: Carlo Nicora
