Spotlight Effect

Online archief van het ter ziele blog Spotlight Effect

Mediawijze leraren hoeven niet te twitteren

07 juni 2011 by Pim ten Thije

Er is de laatste tijd veel te doen om social media in het onderwijs. We worden doodgegooid met de gevaren en succesverhalen. Maar wat is wijsheid, en hebben wel het echt wel nodig? Ik zit zelf in gymnasium 3 en denk van niet. Social media zal geen baanbrekende bijdrage leveren aan het onderwijs van nu of morgen. Maar de opkomende technologieën zeker wel.

Ik zie het niet voor me, mijn geschiedenislerares van in de vijftig, die even op Twitter zet wat de opdracht voor morgen is. Waarschijnlijk vindt ze Twitter onzin; als ze er al aan zou beginnen dan weet ze nog niet wat een mention is.

Sociale media in het onderwijs, ik zie er geen toepassing voor. Er bestaat voor mij een ongeschreven wet die stelt dat je ons jongeren niet moet proberen te bereiken over kanalen die wij normaal ergens anders voor gebruiken. School bereikt ons via schoolmail en ELO (elektronische leeromgeving) en niet via Facebook of Twitter. Ik durf zelf te beweren dat mijn klasgenoten zich anders gestalkt zouden voelen.

Maak leraren mediawijs

Waar zeker veel meer tijd en geld ingestoken moet worden, is de mediawijsheid  van onze leraren. Elke dag maak ik weer mee hoe de leraar een bereidwillige leerling naar voren roept om een DVD te starten of een site op full screen te krijgen. Is die leerling er niet, dan staat de docent met zijn mond vol tanden en neemt hij de smartphone in van de ongelukkige leerling die net voorin de klas zat te Whatsapp’en.

Want dat doen leraren wel, in plaats van nieuwe technologieën te omarmen zijn ze vaak nog te bang voor het onbekende. Het innemen van een smartphone is immers veel makkelijker dan je te verdiepen in de mogelijkheden. Onze telefoon kunnen we onder begeleiding van een mediawijze leraar ook echt nuttig inzetten. Denk bijvoorbeeld aan het opzoeken van het Wikipedia-artikel over het onderwerp waarmee we bezig zijn. In eerste instantie zal de leraar het voor zijn eigen gemoedsrust moeten toestaan, maar later kan het misschien ook uit onszelf.

Leraren weten zich helaas nog maar al te vaak geen raad met technologie. Op mijn school heeft iedereen een laptop, maar die staat meer in mijn kluisje dan dat ‘ie aanstaat in de les.  Daarnaast heeft ook mijn school een eerder genoemde ELO. Elk vak heeft zijn eigen pagina waar leraren – als ze daar zin in hebben – opdrachten kunnen plaatsen, informatie kunnen verzamelen en extra opdrachten kunnen stallen voor later.

Potentieel van een digitale leeromgeving

Een goede ELO heeft naar mijn idee een enorm potentieel. Nu staan nog veel van de digitale klaslokalen leeg. Maar denk aan de interactie die zou kunnen ontstaan als leraren live feedback zouden kunnen geven op een opdracht of online toetsen in je agenda zouden kunnen schrijven. Ik zie meer voor- dan nadelen.

Uit een ELO zou meer gehaald kunnen worden als leraren een serieuze training zouden krijgen over het hoe en wat. Desnoods van leerlingen, want veel van mijn klasgenoten weten beter hoe hun computer werkt, dan hun ouders. De ‘generation-gap’ begint het onderwijs van nu parten te spelen. Waar technologie eerst nog makkelijk in het hoekje gedrukt kon worden, blijkt dat nu steeds moeilijker.

Dan kan ik weer bijna in huilen uitbarsten als er weer een fijn onderzoekje opduikt over het gebruik van mobieltjes in de klas, waarin toch vooral de negatieve kanten van het gebruik van mobiele technologie worden benadrukt. Leesstof die menig schooldirecteur gretig zal verslinden en de smartphoneban in zijn reglement nog eens dubbel zal doen onderstrepen. Waarom dat niet klopt zou ik Ken Robinson hem willen laten uitleggen.

Smartphones, laptops en een goede ELO kunnen een grote stap voorwaart betekenen voor het onderwijs van nu en morgen, mits ze goed worden toegepast door een mediawijze leraar. Het is niet dat mijn leraar Grieks het niet wil, maar meer dat hij het nog niet kan.

Gastblogger Pim ten Thije is 15 en zit in 3 Gymnasium. Hij schrijft voor Scholieren.com en op zijn eigen blog over de internetgeneratie. Onderwerpen als onderwijs, marketing, innovatie en social media komen telkens terug. Daarnaast is hij panellid van de 21st Learners of the 21st Century, een Kennisnet denktank over vernieuwing in het onderwijs.

Foto door Jeff Filman.

26 comments | Categories: Featured, Social media | Tags: , , , , , , , , ,

Comments (26)

  1. Leuk artikel.

    Ik moest wel erg lachen om het volgende stukje:
    “Onze telefoon kunnen we onder begeleiding van een mediawijze leraar ook echt nuttig inzetten. Denk bijvoorbeeld aan het opzoeken van het Wikipedia-artikel over het onderwerp waarmee we bezig zijn.”
    Als de doorsnee docent ergens niet van houdt, is het van Wikipedia. Dat komt omdat de meeste docenten graag willen geloven dat zij het minstens zo goed weten als Wikipedia. En het zou zo zonde zijn als we ophouden met leren omdat we toch alles wat we willen weten op Wikipedia kunnen vinden.

    De school waar ik werk is nog amper digitaal ingesteld. Er is een schoolmail en in enkele lokalen hangt een smartboard. Er zijn wel cursussen om docenten beter vaardig te maken met bijvoorbeeld een smartboard of met Office. Maar het probleem is dat deze cursussen allemaal op vrijwillige basis zijn. De docent Grieks van 50 jaar waar Pim het over heeft zou dus waarschijnlijk ook niet zo’n cursus volgen.

    Ik heb zelf een Hyves profiel dat leerlingen mogen toevoegen. Ze vinden dat leuk, om wat meer te weten te komen over mij als persoon. Maar wat betreft reageren is het vooral eenrichtingsverkeer. Zoals Pim zei voelen leerlingen nogal snel gestalkt. Meestal vinden ze het raar als een docent een reactie op hun profiel achter laat. Ik krijg daarentegen wel krabbels met de vraag wat het huiswerk van morgen ook alweer was. Ze mogen mij daar ook gerust over mailen, maar de drempel om te krabbelen lijkt toch lager te liggen.

    • “Ik moest wel lachen…” Ik ook, vooral om jou opmerking dat de meeste docenten graag willen geloven dat zij het minstens zo goed weten als Wikipedia. En het zou zo zonde zijn als we ophouden met leren omdat we toch alles wat we willen weten op Wikipedia kunnen vinden”.

      Laat ik voorop zetten dat Wikipedia en onderwijs (nog) niet in harmonie leven. Maar dat komt niet door jouw stelling. Docenten willen graag dat (hun) leerlingen niet alles maar klakkeloos overschrijven. Raadplegen van Wikipedia is nog niet zo verkeerd, maar gebruik het niet als enige bron. Net als alle andere encyclopedieën is het vaak gekleurd. Net als veel geschiedenisboeken en andere kennisbronnen.

      Het wordt beter en ik zou iedere docent aanraden te kijken op http://www.wikilovesbieb.nl

      • Ik ben het met u eens. Toch zou ik de kanttekening willen maken dat ik iets van die strekking nog nooit van een docent heb gehoord.

        Mij is nog nooit geleerd hoe ik een fatsoenlijke bronvermelding schrijf. Dat is jammer, want bronvermelden wordt steeds belangrijker, omdat het internet door blijft groeien.

        • Beste Pim,
          Erg mooi stuk heb je geschreven! Ook ik werk op een school waar niet iedereen even mediawijs is. Voor een groot deel ook een interesse kwestie ben ik bang. Informatiespecialisten ( bieb mensen van het nieuwe digitale tijdperk, zeg maar) zouden binnen scholen hier een prima rol in kunnen spelen. IDM heet die opleiding. Verder denk ik dat je je vergist als zegt dat het internet blijft groeien? Je bedoelt denk ik het www ;) Op
          S. Van Doren

  2. Ik snap dat leraren graag geloven dat ze het beter weten dan Wikipedia, waarom zouden ze anders les geven. Jammer genoeg heb je nog steeds leraren die beweren dat ‘Wikipedia geen bron is.’ Maar probleem is denk ik dat we de meeste info later toch zullen gaan opzoeken als we het exact willen of moeten weten. Is het selecteren van de juiste informatie dan niet veel belangrijker?

    Daarnaast snap ik dat je leerlingen het aan de ene kant fijn vinden dat je Hyves hebt: je bent immers makkelijk te bereiken. Aan de andere kant is Hyves iets wat privé is, dus voelen leerlingen (ik ook) een beetje ongemakkelijk bij het idee dat een leraar ‘een vriend’ is. Maar in diezelfde plaats zou een goede ELO beter kunnen werken omdat dan de rolverdeling veel duidelijker is.

  3. Beste Pim,

    Nou jongen, je ziet het nu voor je. Ik ben 57 en ik zet inderdaad dingen voor mijn leerlingen op Twitter, ik communiceer met de enkeling die Twitter gebruikt en ik zet internet, inclusief mobiele telefoon, in voor gebruik tijdens mijn lessen Nederlands. Weliswaar moet ik dan veel overhoop halen omdat mijn school er niet op ingericht is maar met een beamer en mijn eigen netbook kom ik een eind. Jammer dat je zo neerbuigend doet over mensen die boven de 50 zijn. Ben je dan al bijna dood of niet meer vatbaar voor verandering? Volgens mij heeft dat met de mens te maken en niet met de leeftijd. Dat ze niet bij jou op school zitten heeft misschien meer met de opleiding te maken (gymnasium, dode talen, suffe bèta’s, ook ik ken wel een paar vooroordelen zoals je ziet) dan met leeftijd. Je schiet je doel voorbij als je niet uitgaat van de veranderlijkheid van de mens en de mogelijkheid tot vooruitgang. Dat is niet voorbehouden aan jongeren (gelukkig maar!).

    • Fantastisch dat u Twitter inzet om met leerlingen te communiceren! Hoe doet u dat?

      Ik wil niet neerbuigend overkomen, maar het blijft toch een feit dat veel leraren graag vasthouden aan wat ze zelf op hun opleiding hebben geleerd. Het is lastig om ze het nut van Social Media en nieuwe technieken in te laten zien.

      Ik zie dat de jonge leraren, omdat ze zelf zijn opgegroeid met de techniek en nieuwe media, er vaak meer aandacht aan besteden en meer mee doen.

      Ik wil hier zeker niet alle leraren over één kam scheren, het is heel goed dat u ook bezig bent met vernieuwen. Zeker omdat collega’s kunnen zien dat het misschien wel werkt en het misschien zelf ook willen toepassen.

      Maar nogmaals, wat zijn uw toepassingen voor Social Media in de klas?

      • Hallo Pim,
        Mijn tweets over ‘bacteriën’ verschijnen automatisch op mijn website Basisvaardigheden Microbiologie. De tweets linken tevens naar mijn ‘MicroBlog’, waarin ik de actualiteit omtrent bacteriën bijhoud.
        Op deze manier draagt Twitter bij aan de actualiteit van mijn onderwijs.
        docent biologie (50+)

  4. Niet veel, ‘Twitter is voor oude mensen’ ;-)

  5. ICT en onderwijs is lastig.
    Hoeveel leerlingen in jouw klas zitten op Twitter?
    En met hoeveel leerlingen moet jij een pc delen bij jou op school?

    • Ik citeer:”Op mijn school heeft iedereen een laptop, maar die staat meer in mijn kluisje dan dat ‘ie aanstaat in de les.” ;-) Ik hoef die dus met niemand te delen. Maar de leraren weten te weinig van computers om er iets mee te kunnen…

      Ik denk dat vijf mensen uit mijn klas (23 leerlingen), Twitter hebben.

      Ik ben het met u eens dat ICT en onderwijs lastig is maar bent u het met me eens als ik stel dat dat meer aan de docenten dan de leerlingen licht?

  6. Haha Pim,

    Je schrijft best goed voor een vijftienjarige en houdt niet op vervelende vragen te stellen aan oudjes die geen watervrees vertoonden.

    Naar mijn idee kunnen nieuwe media vooral een nuttige bijdrage leveren in het verspreiden van informatie die niet vakinhoudelijk is. Mijn studenten weten het altijd ten zeerste te waarderen als zij via Twitter en/of Facebook op de hoogte worden gebracht van een wijziging in het rooster, of als ik via die kanalen vragen beantwoord, waarvan ik weet dat niet iedereen ze stelt, maar waarvan ik vermoed dat iedereen wel het antwoord weten wil.

    Voor vakinhoudelijke feedback maak ik liever gebruik van een blogsite als http://hz-ebus.co-learning.net/. Eenrichtingsverkeer, klopt, maar veel beter gelezen dan e-mails aan studenten. Vooral het publiek delen van rapporten, presentaties en feedback via die blog werd na enige aarzeling erg op prijs gesteld. Niet via ELO, want te traag en te stroef.

    Om het gevoel van stalking te voorkomen zal ik zelf nooit een student uitnodigen om mijn Facebook-vriend te worden of om mij op Twitter te volgen. Goed om weten is ook dat ik lesgeef in het HBO, waardoor de verhouding docent/student toch anders ligt dan in het middelbaar onderwijs.

    Groeten,
    Frank

    • Dat doe ik, omdat dit de eerste keer is dat ik ‘oudjes (uw woorden)’ spreek die zelf in het onderwijs werkzaam zijn. De visie van de docenten zelf hoor je maar weinig. Dus nu probeer ik alles eruit te halen wat erin zit ;-).

      Zoals u het aanpakt klinkt het goed. Toch denk ik dat het inderdaad een groot verschil is met het middelbaar onderwijs. De sociale verhouding docent-leerling licht anders dan die van de docent en de student.

  7. In de ELO van Blackboard zitten alle tools voor een vlotte en soepele communicatie met studenten en leerlingen!

    • Dank voor de tip, maar wij hebben een ELO die in huis ontwikkeld is en die voor docenten en studenten te nemen of te laten is. Aangezien ik geen ervaring heb met Blackboard kan ik niet beoordelen of ik daar nu blij of ongelukkig om moet zijn.

  8. Hallo Pim,

    Jouw stuk bewijst voor mij (docent, ontwikkelaar en zeer geïnteresseerd in mogelijkheden die sociale media en nieuwe technologieën bieden voor o.a. het onderwijs) dat we deze technologieën kunnen gebruiken om samen (leerling/student én docent) het onderwijs te verbeteren. Wat werkt wel en wat werkt niet? Hoe kun je smartphones, laptops en tablets inzetten in het onderwijs? Ik geloof ook een leerling/student hiermee veel meer de motor wordt achter zijn eigen leerproces.
    En ik ben het met je eens dat docenten meer mediawijs moeten worden, veel docenten zijn hiermee bezig, maar evenzovele niet, en dat is een gemiste kans (moet je in het bedrijfsleven eens proberen, je eigen competenties niet ontwikkelen in het kader van nieuwe technologieën, sta je zo op straat).
    Verder denk ik dat het ook belangrijk is dat ouders mediawijzer worden (en daarmee minder panisch ten opzichte van de gevaren van sociale media).

    • Hoe kunnen we het onderwijs dan verbeteren volgens u? En met welke technieken precies? Ik stel hier dat Social Media niet de heilige graal is, wat denkt u?

  9. Pim, leuk stuk, interessant bovendien.
    Ik ben geen docent noch een leerling, maar kom het probleem (de socialmedia-kloof) wel vaker tegen. Zowel bij jongeren als ouderen ;-)

    Er zijn teveel mogelijkheden om informatie te verspreiden. Je hoeft niet te verwachten van een docent/leraar dat hij/zij alles weet.

    Stel:
    Een klas met x-aantaal leerlingen. Vijf daarvan hebben twitter, 8 en/of facebook, 16 zitten op hyves waarvan 12 actief, 3 hebben een linkedIn profiel, 2 gebruiken 4sq om in te checken (ik noem maar wat) en er zijn nog een aantal leerlingen die weinig tot niets doen aan social media.

    Je kunt niet verwachten dat de leraar, naast de ouderwetse methodes, ook nog communiceert via al deze new-media kanalen. En ik zou absoluut niet willen dat de leraar zijn opdrachten bijvoorbeeld alleen op hyves zet, zou ik dan verplicht een hyvesaccount moeten nemen?

    Een leraar hoeft geen gebruik te maken van de op dit moment aanwezige middelen om informatie te verspreiden.

    Wel zou ik aanraden om slim ‘gebruik te maken’ van de aanwezige middelen.
    Bijvoorbeeld als basis: elke leraar heeft een blog waar hij/zij alles kan plaatsen wat nodig is. Voor elke leerling is er 1 bron. Natuurlijk kan deze bron direct verspreid worden op twitter/facebook en hyves etc.
    Het is dan aan de leerling met welke methode hij/zij op de hoogte gehouden wil worden.

    Trouwens, ik ben er helemaal voor om social media te gebruiken op wat voor manier dan ook. Ik denk dat het erg veel kan bijdragen (leuker, sneller en slimmer) aan de wijze waarop nu soms nog wordt lesgegeven.

    • Ze zeggen toch dat je nooit te oud bent om te leren? ;-)

      U heeft volgens mij helemaal gelijk: de content kan beter verzameld worden op een blog of website en vervolgens worden verspreid via social media.

      Dan blijven er twee punten over:
      - blogs zijn niet écht geschikt voor interactie tussen leerling en leraar. Als je dat naar social media verplaats dan komen we op het door u opgetekende probleem: welke van de vele kies je?
      - kunnen docenten het opbrengen om zo’n blog bij te houden naast al het werk…

  10. Beste Pim,
    Wat je zegt, het is niet dat de leerkrachten het niet willen, maar bovenal niet kunnen.
    Als het gaat om mediawijsheid, is er echter meer te noemen dan de kennis en vaardigheden die jij noemt (DVD aanzetten, gebruik en inzetten van smartphones, digiborden, laptops en ELO). In mijn ogen zijn dat meer ICT-competenties dan mediawijsheid. Ik ben het met je eens dat leerkrachten (en ouders!) hiermee om dienen te gaan, vervolgens leren inzetten voor onderwijs en opvoeding van deze tijd. Een taak die niet alleen ligt bij de leerkrachten, te meer bij directies.

    Wat ik in jouw betoog nog mis over mediawijsheid zijn mentaliteit, reflectie en een wijze blik op de inhoud. Volwassenen hebben levenservaring en hebben in de jaren geleerd over communicatie en de interpretatie van mediaboodschappen. Deze ervaring kunnen zij delen, mits zij de vaardigheden en kennis opdoen om dit te kunnen overdragen. En juist een mediawijze houding is iets wat pubers nog moeten ontwikkelen. Zie je de mogelijkheid voor kennisdeling?!

    Wellicht zou jijzelf met je netwerk een stap in de goede richting kunnen zetten om kennisdeling tussen leerlingen en leerkrachten te ontplooien.

  11. Hi Pim,
    Erg leuk artikel!
    Een ELO is in fact social media!

  12. Hallo Pim,

    Leuk stuk van je – zeer herkenbaar hoe docenten soms staan te stuntelen voor een digibord.
    Maar mijns inziens heb je het meer over ict-vaardigheden dan over mediawijsheid, meer over het gebruik van technologie dan over de vorm en inhoud van de boodschap/lesinhoud die overgebracht wordt. Bij mediawijsheid gaat het er ook om je er van bewust te zijn hoe en waarom media gebruikt worden om een boodschap over te brengen, wat zelf je positie daar in is en hoe je zelf ook gebruik van maakt van die media.

    Ook in het maken van zo’n digitale boodschap (=les) dienen de meeste docenten nog geschoold te worden want wat wel werkt via klassikaal (en frontaal) lesgeven werkt niet met digitale middelen.

  13. Pingback: 5 Praktijkvoorbeelden van vernieuwing in het onderwijs |  Hutspot